De havenstad Halicarnassus, liman = 'haven' Turks uit het Oudgrieks λιμήν, werd ergens voor de 6e eeuw v.Chr. door de Dorische Grieken gesticht. De ontstaansmythe van de stad dicteert dat ze gesticht was door een zoon van Poseidon (Anthes). Ze hoorde bij de eerste zes Dorische koloniën in Klein-Azië, samen met Knidos, Lindos, Ialysos, Kameiros en Kos. De Griekse geschiedschrijver Herodotus (Ηρόδοτος) en de geschiedschrijver en retor Dionysius van Halicarnassus zijn in Halicarnassus geboren. Volgens Herodotus trok tijdens de Perzische Oorlogen in de 5e eeuw voor Christus de koningin van Halicarnassus, Artemisia I van Karië, samen met Xerxes I op tegen de Grieken bij Salamis. Een latere heerser van Halicarnassus, de satraap Maussollos, maakte de stad tot zijn hoofdstad. Na zijn overlijden, in 353 v.Chr., gaf zijn vrouw en zuster koningin Artemisia II opdracht tot de bouw van een monumentale graftombe, het Mausoleum van Halicarnassus. Dit mausoleum werd later een van de zeven wereldwonderen van de antieke wereld.